NRC 20 april 2006, p. 8:

Rapport geen algemene beschouwing over islam

Afshin Ellian schrijft over het WRR-rapport Dynamiek in islamitisch activisme alsof dit rapport een algemene beschouwing over de politieke islam was (Opinie & debat 15 april). Dat is niet het geval. Het rapport is bedoeld als advies hoe Nederland in het buitenlands beleid en in de EU-politiek met de kwestie van de islam en de mensenrechten om moet gaan.

Het rapport gaat uit van een positieve visie op de mensenrechten, en is in die zin inderdaad politiek. Ellians kritiek is ook politiek. Ellians politieke positie kan beschreven worden als rechtspopulistisch en nauw verwant met de positie van Wilders ( Ellian over het WRR-rapport: “Politieke charlatanerie” Wilders: “''[…] naïef en gevaarlijk. De taal der dwazen.'' Ellians politieke eisen zijn ook nauw verwant aan het denken van Wilders. Ellian eist een “een soort administratieve ophokplicht  voor de jihadisten, buiten het strafrecht om.” Hetzelfde verwoordde Geert Wilders in een BBC- interview van 21 maart 2006, waar hij het heeft over  “administrative detention”.

Ellian schrijft over Nasr Abu Zayd, en kenmerkt deze met het attribuut “(Egypte/Utrecht)” . Maar Abu Zayd werkt ook één dag per week aan de Universiteit Leiden, en is zelfs Cleveringa-hoogleraar geweest in Leiden. Abu Zayd is dus Ellians Leidse collega- een collega die door Ellian tot nu toe genegeerd werd, en door Ellians collega en geestverwante Paul Cliteur als “postmoderne woordkunstenaar” wordt neergezet.

Maria Trepp, Den Haag