Antisemitisme, censuur
en intimidatie aan de Universiteit Leiden: samenvatting
Deze scriptie werd van de scriptiebegeleider dr. Onderdelinden als
weliswaar erg polemisch, maar als wetenschappelijk van een zeer hoog niveau
ingeschat ( hij heeft dit tegenover derden herhaald; een getuige zet dit nu op
schrift voor mij), maar hij besloot naar overleg met prof. Visser, en ook naar
overleg met mij, de scriptie niet te
accepteren . Onderdelinden is dus medeverantwoordelijk voor het afwijzen
van mijn scriptie -maar prof. V. is hoofdverantwoordelijk . Kritiek op Passage
was voor haar taboe. Ik begon mijn scriptie aan wetenschappers buiten de
vakgroep te versturen, om over de zaak te informeren. Onderdelinden gaf mij na
het afwijzen van mijn scriptie een correctie-exemplaar van mijn scriptie, waar
hij spelfouten corrigeerde, kritische opmerkingen plaatste, en op vele plekken,
vooral waar het om het thema antisemitisme gaat, tekst onderstreepte en
uitroeptekens plaatste (Onderdelindens onderstrepingen zijn in de
internetversie van mijn scriptie www.passagenproject.com/scriptie.html
gekenmerkt met ***). Onderdelindens uitroeptekens hadden een sturende functie
voor mijn onderzoek.
Ik kreeg positieve reacties van een aantal andere wetenschappers. Ik werd
me, in dialoog met deze wetenschappers, ervan bewust dat dit conflict rond Passage
niet alleen maar een kleine kwestie betrof, maar in feite ging over het
zelfstandig en kritisch denken in de wetenschap. Ik werd sterk aangemoedigd
door te gaan prof. V. te confronteren en een discussie over deze zaak en de
onwetenschappelijke censuur te forceren. Ik koos ervoor, geen formele
klacht tegen de afwijzing van de
scriptie in te dienen. Het ging mij niet om mijn scriptie, maar om een openbare
discussie van de hele zaak. Ik begon, met pamfletten over de hele zaak te
informeren. Daarop vroeg de faculteitsleiding (de toenmalige decaan Blockmans
en de toenmalige opleidingsdirecteur en huidige Leidse vice-rector van Haaften)
mij om een gesprek. Men was uiterst vriendelijk tegen mij. Blockmans opende met
tegen mij te zeggen dat ik “een excellente studente” was (ik had alleen negens en tienen) . Ik mocht
de hele zaak vertellen, en ik kreeg het zeer duidelijke gevoel, dat men me, wat
het zeer problematisch karakter van het stuk Passage betreft, geloofde.
Men wilde dat ik zou ophouden pamfletten te verspreiden, en dat ik een nieuwe
scriptie zou schrijven (of liever gezegd de oorspronkelijke scriptie over
Brecht zou voltooien). Prof. van Haaften, de huidige vice-rector, zei tegen me,
dat ik in mijn scriptie de zaak Passage niet hoefde te bespreken, maar
de zaak in mijn proefschrift (iedereen wist dat ik door zou gaan in de
wetenschap) zou moeten opnemen: “Natuurlijk moet u doorgaan met
Christoph Hein!”
Ik zei tegen Van Haaften, dat ik in Leiden niet af wilde studeren vanwege
V.s lastercampagne. Ik zei ook dat ik verwachtte, dat men op het moment, dat ik
afgestudeerd was, mij zou laten vallen. Van Haaften reageerde met een volledige
afwijzing van deze gedachte. Hij vroeg mij wat ik wilde. Ik zei: “Ik wil
promoveren.” Omdat hij me eerder had aangemoedigd door te gaan met onderzoek
over Hein, en omdat hij zo betrokken leek te zijn bij mij, haalde ik het
slothoofdstuk weg. Ik weigerde een nieuw slothoofdstuk te schrijven, waarop
mijn cijfer van een 10 naar een 8,5 verlaagd werd.
Nadat ik mijn bul had
opgehaald (cum laude afgestudeerd in april 2001) vroeg ik van Haaften me te
helpen een promotor te vinden. Ik verwachtte na de met hem gemaakte afspraken
niet meer en niet minder, dat hij mij tenminste één naam van iemand zou noemen,
met wie ik het proefschrift zou kunnen bespreken, of die me anders verder zou
kunnen helpen. Ik had in augustus 2001 een eerste versie van een proefschrift
klaar liggen. Maar van Haaften was aan mij en aan mijn onderzoek nu niet meer
geïnteresseerd.
Het is
zeer de vraag of de kwestie-Passage als een geïsoleerd fenomeen
beschouwd kan worden. Vast
staat in ieder geval dat een langjarige medewerker van prof. Visser, de
germanist Jerker Spits, zeer veel in Duitse nieuw-rechtse kranten publiceert,
o.a. in Junge Freiheit, een krant die zich volgens het
Duitse Oberverwaltungsgericht keert tegen het principe van democratie en
het verbod op discriminatie ( zie Eric
Krebbers in De Fabel van de illegaal
nr. 73 http://www.gebladerte.nl/11148f73.htm
). Naast neutralere artikelen publiceert Junge
Freiheit volgens het gerechtshof veel racistische en antisemitische
stukken, waarin ook denigrerend over holocaust-slachtoffers gesproken wordt.[5] Dr. Hartwig Möller, hoofd van de Verfassungsschutz
in Nordrhein-Westfalen zegt in juni 2005 over de auteurs van Junge Freiheit, dat er gevaren voor de democratie dreigen
door het ( in Junge Freiheit) uitgedragen intellectueel
rechtsextremisme.[6]
In zijn schriften
verheerlijkt Jerker Spits o.a. de nationaalsocialist en antisemitiet Carl
Schmitt. Meer hierover: www.passagenproject.com/conservatisme.html
[1] Zie mijn onderzoek www.passagenproject.com/inhalt.html
[2] Regisseur van de uitvoering was
dr. Sjaak Onderdelinden, maar de keuze voor het stuk Passage werd door prof. V. gemaakt.
[3] Te lezen op www.passagenproject.com/scriptie2.html
[4] Ik wist toen niet dat de ombudsvrouw zo goed als
nooit negatief rapporteert. In 2005 zijn er bijvoorbeeld 61 klachten ingediend
bij de ombudsfunctionaris . “De enige klacht die de ombudsfunctionaris bij het
College van Bestuur aanhangig heeft gemaakt – de achterstand bij de commissie voor
Beroep en Bezwaarschriften – betreft een domein waar zij nu net niet over
ging.” http://www.nieuws.leidenuniv.nl/index.php3?m=&c=938
[5] Andreas Speit, Freie Rechtsschreibung,
jungle-world.com http://www.jungle-world.com/seiten/2005/27/5826.php